Geschiedenis en belang van de Buitenplaats

De buitenplaats ‘Huis te Jaarsveld’ kent haar oorsprong in het voormalige kasteel Veldenstein bij het dorp Jaarsveld aan de Lek. De geschiedenis van het kasteel gaat terug tot in de 14e eeuw. Het kasteel komt in de 15eeeuw via de familie van Egmond in bezit van de familie Oranje-Nassau en wordt daarna doorverkocht aan diverse belangrijke en vermogende families. Na de verwoesting door de Fransen in het rampjaar 1672 wordt het kasteel niet meer opgebouwd. De kasteelruïne blijft echter tot in de 19e eeuw staan en ondergronds zijn waarschijnlijk veel resten tot op heden bewaard gebleven.

Geschiedenis van het park

In 1760 wordt op een deel van het kasteelterrein het huidige huis gebouwd. Het terrein om het nieuwe huis kende eerst een eenvoudige aanleg in geometrische stijl. Omstreeks 1793 wordt de aanleg omgevormd tot een aanleg in vroege landschapsstijl die tot op heden voor een groot deel bewaard is gebleven. De buitenplaats is tot circa 1970 niet permanent bewoond geweest, wat een verklaring is voor het goed bewaarde historische karakter van de buitenplaats als geheel.

Renovatie en revitalisatie van het Park en Tuinen

Het recent uitgevoerde historisch onderzoek en het bijbehorende terreinonderzoek heeft een aantal bijzondere nieuwe inzichten opgeleverd over de ontwikkelingsgeschiedenis en ruimtelijke opzet van de tuin- en parkaanleg op de buitenplaats Huis te Jaarsveld. Een belangrijke vondst betrof de aanleg in vroege landschapsstijl die de aanleg op het huiseiland kenmerkt. Na 1972 is deze door de aanleg van tuinen in neogeometrische stijl sterk naar de achtergrond gedrongen, maar er zijn nog grote delen van deze aanleg in vroege landschapsstijl aanwezig. Onder het reeds gekapte populierenbos zijn resten aangetroffen van de voormalige grote moestuin met aan de noordzijde een fruitmuur. Ook het in het lanenstelsel consequent toegepaste maatstramien van 1 Rijnlandse Roede is een belangrijk vondst die typerend is voor Huis te Jaarsveld.

Momenteel wordt er hard gewerkt aan het wegwerken van achterstallig onderhoud, en een meer ingrijpend restauratie- en revitalisatieproject.

Conserveringsstrategie

Een belangrijke pijler is het conserveren van de waardevolle historische tuin- en parkaanleg van Huis te Jaarsveld. Er is daarbij veel aandacht voor het versterken van de verschillende tijdslagen in de ontwikkelingsgeschiedenis. De analyse van de ontwikkelingsgeschiedenis heeft aangetoond dat periode 1795-1970 het meest bepalend is voor de huidige structuur en opzet van de buitenplaats met als hoogtepunt de aanleg in vroege landschapsstijl op het huiseiland.

Elementen uit de periode na 1972, zoals de collectie historische en hedendaagse tuinbeelden en de bijzondere boom– en heestersoorten die zijn aangeplant, zullen in de geconserveerde historische aanleg wel worden behouden en zorgvuldig worden geïntegreerd in het restauratie- en revitalisatieplan.

De conserveringsstrategie voor de waardevolle historische tuin- en parkaanleg van Huis te Jaarsveld omvat het volgende:

    • Het behouden en waar nodig herstellen van waardevolle grachten en lanen uit de 17e eeuw;
    • Het restaureren en aanhelen van de aanwezige restanten van de aanleg in vroege landschapsstijl uit de periode 1795-1970;
    • Het behouden en inpassen van de bijzondere heester- en boombeplantingen die zijn aangebracht in de periode na 1970;
    • Het inrichten van een nieuwe tuin in geometrische stijl ter plaatse van het gekapte populierenbos en evocatie van de moestuin die hier ooit lag

Geschiedenis van het koetshuis

In de 18e en het begin van de 19e eeuw stond een koetshuis op ongeveer de plek van de huidige appelschuur. Het huidige koetshuis werd in 1847 door de familie Begram gebouwd. Vanwege het bescheiden voorplein werd het koetshuis met de kopgevel op het huis georiënteerd. Deze gevel werd als klokgevel uitgevoerd, waarin een baander met een korfboogvormig bovenlicht en een hooiluik op de verdieping werden opgenomen. De kapconstructie beschikt over, voor de tijd markante, philibertspanten. Het koetshuis werd later nog voorzien van een klok van de firma B. Eijsbouts uit Asten.

Na het overlijden van P.L. Begram vererft het huis in 1866 op zijn zoon W.C.M. Begram, die een jaar later besloot om het huis grondig te renoveren en uit te breiden, alsmede om het koetshuis met een paardenstal te vergroten. De werkzaamheden werden uitgevoerd door aannemer A.T. Schinkel uit Jaarsveld. Uit de bewaard gebleven directiebegroting zijn enkele details over de toenmalige bouwwijze af te leiden. Zo werd bijvoorbeeld ook de nieuwe fundering van de paardenstal onderheid met 19 stuks eiken palen. Verder diende het raam in de bestaande eindmuur van het koetshuis in een deur gewijzigd te worden en diende er een nieuw sekreet gemetseld te worden. Voor de uitbreiding van de zolderverdieping boven de nieuwe paardenstal werd een “Cirkelvormig kapspant” omschrijven, zodat het geheel goed aansloot op de bestaande philibertspanten van het koetshuis uit 1847.

Duurzaamheid

De gebouwen van Huis te Jaarsveld worden gerestaureerd met duurzame materialen en energiezuiniger gemaakt. Hierbij worden de leifruitmuur, muurwerk van het hek van de dwarslaan en het casco van het koetshuis zorgvuldig hersteld, waarbij logischerwijze gebruik wordt gemaakt van de bij de oorspronkelijke bouwmaterialen passende materialen, zoals bijvoorbeeld metselwerk in kalkmortel, waardoor de duurzaamheid gegarandeerd wordt.

Het koetshuis wordt tevens verduurzaamd door het energiezuinig te maken. Door de inbouw van lage temperatuur (vloer)verwarming (LTV), luchtwarmte energieopwekking en PV-panelen ter compensatie van het elektra-verbruik worden het koetshuis en het hoofdhuis zelfvoorzienend. De PV-panelen worden op de appelschuur aangebracht, zodat de monumentale waarden van het koetshuis en het hoofdhuis niet aangetast worden. Bij de restauratie van het koetshuis en landhuis is het uitgangspunt om niet overdadig te isoleren, maar meer in de installatie te investeren. Hierdoor blijven de bouwkundige aanpassingen aan het monumentale casco minimaal en blijven de monumentale waarden juist behouden.

Het herstel van het park is gericht op behoud op de lange termijn. De kwaliteit van het herstelontwerp, de gekozen materialen en een gedegen uitvoering zijn daarbij leidend. Tijdens de restauratie worden zo veel mogelijk bomen en heesters behouden. Planten en dode materialen worden hergebruikt. De stammen van de populieren worden op stam verkocht en zullen gebruikt worden voor hoogwaardige producten. Ook de houtsnippers worden verkocht om te worden hergebruikt.

Smeedijzeren hekwerken worden gerestaureerd, zodat ze weer lange tijd behouden blijven.